Les 4: Gevoeligheid en bereik

<- Naar les 3 Naar les 5 ->
Ongevoelig…. Groot bereik…..

Leerdoelen

  • Je kunt uitleggen wat een continu signaal is, wat een binair signaal is en wat een analoog signaal is.
  • Je kunt uitleggen wat de begrippen bereik en gevoeligheid betekenen als er sprake is van een sensor.
  • Je kunt het bereik en de gevoeligheid afleiden uit een diagram.

Tijdens de les:

Huiswerk bij dit onderdeel:

  • Opdrachten bij dit onderdeel.
  • Basisstof: paragraaf K2.2
  • Beheersen: 10, 12, 14 ,16
  • Redeneren: 18, 19, 20
  • Rekenen: 22, 23, 24

Veel sensoren zijn gestandardiseerd. Dat betekent dat ze een grootheid meten (de input), die input wordt omgezet (de verwerking) in een spanning ergens tussen 0 en 5 Volt (de output). Een kleine input leidt tot een lage spanning, en een grote input leidt tot een hoge spanning (dus om en nabij 5 Volt).

De meest eenvoudige sensor is een drukknopje. Dat is een sensor die een binair signaal levert: Hij kan aan (1, ofwel “Hoog”) en uit (0, ofwel “laag”).

Analoge sensoren zijn sensoren die ook alle waardes daartussenin kunnen aannemen. Kijk de video voor een verdere uitwerking!

Tijdens de les oefenen we met de spanningsdeler door hem in te zetten als sensor. Zie ook de experimentbeschrijving